Actueel
Jouw gekozen filters:
Wie niet in wonderen gelooft, is geen realist.
David Ben Goerion
De hele geschiedenis is onbegrijpelijk zonder Christus.
Ernest Renan
Maar de vrucht des Geestes is liefde: blijdschap, vrede, lankmoedigheid, goedertierenheid, goedheid, geloof, zachtmoedigheid, matigheid.
Galaten 5 vers 22
De inherente ondeugd van het kapitalisme is het ongelijk verdelen van zegeningen; de inherente deugd van socialisme is het gelijk verdelen van ellende.
Winston Churchill
Offert offeranden der gerechtigheid, en vertrouwt op den HEERE. Velen zeggen: Wie zal ons het goede doen zien? Verhef Gij over ons het licht Uws aanschijns, o HEERE!
Psalm 4 vers 6 en 7
Als je van het Evangelie gelooft wat je bevalt en verwerpt wat je niet bevalt, is het niet het Evangelie dat je gelooft, maar jezelf.
Aurelius Augustinus (354-430)
De vreze des HEEREN is het beginsel der wijsheid, allen, die ze doen, hebben goed verstand; Zijn lof bestaat tot in der eeuwigheid.
Psalm 111 vers 10
Wie geen regels kent, is een dwaas, maar wie geen uitzonderingen kent is dubbel zot.
J. Overduin
Als ik wist dat morgen de wereld zou vergaan, zou ik toch vandaag nog een appelboompje planten.
Maarten Luther (1483-1546)
Wentel uw weg op den HEERE, en vertrouw op Hem; Hij zal het maken; en zal uw gerechtigheid doen voortkomen als het licht, en uw recht als den middag.
Psalm 37 vers 5 en 6
De geloofsuitspraak dat God de Schepper is van hemel en aarde is een motie van vertrouwen.
A. van de Beukel
Die rechtvaardigheid en weldadigheid najaagt, zal het leven, rechtvaardigheid en eer vinden.
Spreuken 21 vers 21
God is ons een Toevlucht en Sterkte; Hij is krachtelijk bevonden een Hulp in benauwdheden. Daarom zullen wij niet vrezen, al veranderde de aarde haar plaats, en al werden de bergen verzet in het hart der zeeën.
Psalm 46 vers 2 en 3
Maar wij verwachten, naar Zijn belofte, nieuwe hemelen en een nieuwe aarde, in dewelke gerechtigheid woont.
2 Petrus 3 vers 13
Gerechtigheid verhoogt een volk, maar de zonde is een schandvlek der natiën.
Spreuken 14 vers 34